Automaat

PLC: Een Programmable Logic Controller (PLC / automaat) is een elektronische machine die kan worden geprogrammeerd door personeel dat geen informaticaopleiding heeft genoten en die bedoeld is om in een industriële omgeving en in realtime procedés of delen van operaties te sturen.

In de industrie zijn PLC’s (automaat) programmeerbare apparaten die bepaalde taken uitvoeren.

Een PLC (automaat) is een voorziening die automatisch werkt – dus zonder tussenkomst van een operator.

Dat automatische gedrag kan vast zijn – waarbij het systeem altijd hetzelfde doet – of het systeem kan zich aan zijn omgeving aanpassen.

Bij transportsystemen bedoelen we met een PLC (automaat) een apparaat met verschillende mechanische en elektronische voorzieningen die het apparaat toelaten om een bepaalde opeenvolging van operaties op een gesynchroniseerde manier uit te voeren.

De PLC (automaat) is een geprogrammeerd voorwerp en is voorzien van een geheugen.

De PLC’s (automaat) zijn mathematische voorwerpen, die toelaten om modellen van systemen te vormen.

Een PLC (automaat) is een geheel van ‘statussen van het systeem’, die onderling met elkaar verbonden zijn door ‘overgangen’, die door symbolen worden aangeduid.

Bij een gegeven, een ‘woord’ dat wordt ingevoerd, leest de PLC (automaat) de symbolen van het woord één voor één en gaat in functie van de overgangen van de ene status naar de andere over. Het gelezen woord wordt door de PLC (automaat) ofwel aanvaard ofwel verworpen.

De PLC (automaat) behandelt de binnenkomende informatie om in functie van een programma uitgangsorders te geven.

 Een PLC (automaat) kan aan een maximaal aantal toepassingen worden aangepast – zowel op het vlak van de behandeling als op het vlak van de componenten of de taal. Dat is de reden waarom de PLC (automaat) modulair is opgebouwd.

Het aansluitingsprincipe van de ingangen van de PLC (automaat) bestaat erin om een elektrisch signaal naar de gekozen ingang op de PLC te versturen zodra de informatie aanwezig is.

De elektrische voeding kan door de PLC (automaat) zelf (meestal 24 V gelijkspanning) of door een externe bron worden voorzien.

Het aansluitingsprincipe van de uitgangen van de PLC (automaat) bestaat erin om een elektrisch signaal te verzenden naar de voorschakelaar die met de gekozen uitgang van de PLC (automaat) is verbonden zodra de order wordt gegeven.

De elektrische voeding wordt voorzien door een externe bron buiten de PLC (automaat).

 De PLC laat de dialoog toe met:

 - het studiepersoneel voor de realisatie van de uitvoering (zoals bewerking van het programma, overdracht en opslag);

- het afstel- en onderhoudspersoneel om operaties op het systeem uit te voeren (zoals override,

weergave van de status, wijziging van de parameters voor de vertraging en meters).

Die dialoog met de PLC (automaat) wordt uitgevoerd met behulp van:

een console: Die bestaat uit een toetsenbord en een beeldscherm en maakt gebruik van programmeertaal;

een microcomputer met hulpsoftware voor de programmering: die bestaat uit meerdere modules waarmee de applicaties kunnen worden bewerkt, opgeslagen en op punt gesteld.